Ongeschikt- en onbewoonbaarheid

Ben je huurder en vertoont je woning gebreken? Onder bepaalde voorwaarden kan je bij de dienst Wonen & Energie een woningonderzoek aanvragen.

Wat is het?

Als je huurwoning bepaalde gebreken vertoont, moet je dit als huurder altijd melden aan de eigenaar van de woning. Reageert de eigenaar niet, dan kan je als bewoner een woningonderzoek aanvragen. Een woningcontroleur van de dienst Wonen & Energie brengt dan een plaatsbezoek aan je woning om de gebreken vast te stellen. Op basis hiervan wordt een technisch verslag opgemaakt. Als de gebreken ernstig zijn, en een veiligheids- of gezondheidsrisico veroorzaken, kan de burgemeester de administratieve procedure tot ongeschikt- en/of onbewoonbaarverklaring opstarten.

Hierbij worden 3 categorieën gehanteerd naar gelang de aard en de ernst van de gebreken:

  • Een woning kan ongeschikt worden verklaard als ze meer dan 6 gebreken in categorie I heeft of 1 gebrek in categorie II. Deze gebreken hebben een negatieve invloed op de levensomstandigheden van de bewoners maar vormen geen direct gevaar voor hun veiligheid of gezondheid.
  • Een woning kan onbewoonbaar worden verklaard als ze minstens 1 gebrek in categorie III heeft. Deze gebreken veroorzaken mensonwaardige levensomstandigheden of vormen een direct gevaar voor de veiligheid of de gezondheid van de bewoners. De woning is niet geschikt voor bewoning.

Procedure

Het is belangrijk om steeds de eigenaar op de hoogte te brengen als er gebreken zijn in de woning. Dat doe je best via een aangetekende brief. Reageert de eigenaar niet of wordt het probleem niet opgelost, dan kan je een woningonderzoek aanvragen bij de dienst Wonen & Energie.

Na jouw aanvraag zal een woningcontroleur van de dienst Wonen & Energie een afspraak maken voor een woningonderzoek. Op basis daarvan wordt een technisch verslag opgemaakt met een overzicht van de vastgestelde gebreken. Als er geen gebreken van categorie II of III worden vastgesteld, levert de burgemeester een conformiteitsattest af voor de woning.

Worden er wel ernstige gebreken vastgesteld, dan kan de waarschuwingsprocedure worden opgestart. De eigenaar krijgt dan in eerste instantie 3 maanden de tijd om de gebreken te herstellen. Daarna moet er een hercontrole worden uitgevoerd om na te gaan of de gebreken deugdelijk hersteld zijn.

Zijn de gebreken zeer ernstig, of zijn deze na de waarschuwingsprocedure nog steeds niet opgelost? Dan start de procedure tot ongeschikt- en/of onbewoonbaarverklaring. De bewoner en de eigenaar krijgen daarbij de kans om gehoord te worden binnen de hoorplicht. Daarna kan de burgemeester een besluit tot ongeschikt- en/of onbewoonbaarverklaring nemen.

Op datum van het besluit van de burgemeester wordt de woning opgenomen op de Vlaamse Inventaris van Ongeschikt- en Onbewoonbaar verklaarde woningen (VIVOO). De eigenaar moet de gebreken in de woning zo snel mogelijk op een deugdelijke manier herstellen. Na 1 jaar op de inventaris moet de eigenaar jaarlijks een heffing betalen, zolang de woning op de VIVOO staat. Meer informatie over de heffing en eventuele vrijstellingen vind je op deze pagina.

Daarnaast kunnen eventuele kosten van een ontruiming en herhuisvesting van de huurder ook worden doorgerekend naar de eigenaar-verhuurder.

Prijs

Een woningonderzoek aanvragen is gratis voor de bewoner (huurder) van de woning.