Kamers

  • Minimale totale vloeroppervlakte voor een kamer voor niet permanente bewoning: 12 m².  
    Per bijkomende voorziening in de kamer: + 3 m². 
    Bijvoorbeeld: wc, badkamer of doucheruimte, keuken in de kamer = minstens 21 m² vloeroppervlakte voor de kamer met inbegrip van deze voorzieningen = 12 m² + 3 m² + 3 m² + 3 m².
    Indien een kamer alle voorzieningen bevat, wordt deze volgens de Vlaamse Wooncode aanzien als een zelfstandige woning en dient de oppervlakte van de leefruimte (zonder wc en badkamer) minstens 18 m² te bedragen.  
  • Minimale totale vloeroppervlakte voor een kamer voor permanente bewoning: 21 m².
    Per bijkomende voorziening in de kamer: + 3 m².
    Bijvoorbeeld: wc, badkamer of doucheruimte, keuken in de kamer = minstens 30 m² vloeroppervlakte voor de kamer met inbegrip van deze voorzieningen = 21 m² + 3 m² + 3 m² + 3 m².
  • Gemeenschappelijke keuken: minstens 6 m² + 1,5 m² per kamer voor zij die er gebruik van maakt. (cfr. steeds minimaal  9 m²).
  • Eén wc en één badkamer of doucheruimte per begonnen groep van vier kamers.
  • Functionele buitenruimte: minstens 2 m² per woonentiteit, mag gemeenschappelijk zijn voor studentenkamers als ze rechtstreeks bereikbaar is vanuit de woonentiteit of bereikbaar is via een gemeenschappelijke ruimte. 

Studio’s / appartementen (zelfstandige woonentiteiten)

  • Minimale totale vloeroppervlakte voor een studio als woonentiteit: 30 m².
  • Sanitair te voorzien in een aparte aangrenzende ruimte.
  • Functionele buitenruimte:  minstens 3,6 m² per woonentiteit met als kleinste afmeting van de buitenruimte 1,8 m.
  • Afvalruimte:  minstens 1 m² per woonentiteit, te voorzien binnen of buiten het gebouw, maar mag niet rechtstreeks uitgeven op een slaapruimte, leefruimte of badkamer. Individueel of gemeenschappelijk te voorzien.  
  • Functionele fietsenberging: minstens één per slaapkamer + nog één extra per woonentiteit, ofwel vanaf de openbare weg goed toegankelijk, ofwel bereikbaar via een gemeenschappelijke circulatieruimte. Individueel of gemeenschappelijk te voorzien. Minstens de helft van de fietsstallingen op het maaiveld te voorzien en minstens de helft van de fietsen moeten horizontaal gestald kunnen worden. Indien fietsen in de ondergrondse parking worden voorzien moet er minstens een fietslift voorzien worden.
  • Parkeerplaatsen: één parkeerplaats per woonentiteit. Te organiseren op eigen perceel. Niet voor kamers voor niet permanente bewoning. 

Opmerking

Vloeroppervlakte: delen waarvan de vrije hoogte tussen vloer en plafond minder dan 2,2 m bedraagt, worden niet in rekening gebracht.